DEIL – Geheime recepten en stalen, gemaakt door zijn overgrootvader, liggen ten grondslag aan een gerenommeerd bedrijf dat al vier generaties -sinds 1887- in Deil is gevestigd. Schilders- en behangersbedrijf Ridderhof is momenteel in de eigen omgeving aan het werk. Vijf kerktorens in de gemeente Geldermalsen en het rechthuis in Gellicum staan in de steigers.
door Rita de Waal
Gerard Ridderhof en zijn werknemers mannen beheersen het restaureren en vergulden tot in de vezels van hun vingertoppen. Landelijk erkend en gewaardeerd. Het hout en marmerimitatiewerk is te zien in monumentale kerken en landgoedhuizen.
In de werkplaats te Deil laat Gerard Ridderhof (55 jaar) tussen de vele ornamenten, verfbussen en kwasten, de meer dan honderd jaar oude stalen zien van marmer, maar ook houtimitaties, eiken, mahonie, kersen. Hij heeft ze aan de achterzijde met linnen verstevigd.
,,We gebruiken nog steeds de recepten van toen. Het is een waterdun mengsel van lijnolie en olieverf. De panelen voor kerkbanken, deuren en orgels worden voorzien van een stevige verfondergrond. Met speciale sponsen, das- en klopkwasten, worden de effecten verkregen'', doceert Gerard Ridderhof.
Met een bijna microscopische precisie bewerkt hij een klein detail van een ornament met een speciale kam en stukjes linnen doekje. De superdunne substantie wordt uiteindelijk van een beschermende blanke laklaag voorzien.
Gerard legt ook nog even uit hoe wit marmer wordt gemaakt. ,,Je gebruikt hiervoor zinkwit en papaverolie, anders zou het wit al snel geel worden. Daarna moet het worden gelakt met een niet vergelende parketlak op waterbasis." Het lijkt een kleine en simpele instructie, maar het bewerken met sponsen, kwastjes en kammetjes, het creatieve inzicht, is een kunst, die niet iedereen verstaat. De imitatie is zó echt, dat de pilaar regelrecht is uitgehouwen uit de marmergrotten in Italië.
Vergulden
Van alle kerktorens in Meteren, Tricht, Geldermalsen, Enspijk en Gellicum zijn het haantje en de bol door Ridderhof verguld. Zelfs de wijzerplaten van de klok krijgen een nieuw laagje echt bladgoud. Eén haantje staat er nog in de werkplaats te pronken.
Ook hier blijkt dat vakmanschap meesterschap is. Alleen te leren met veel liefde en toewijding. Het betreft superdunne blaadjes goud van 0,00.7 mm dik en 23,3/4 karaat. Er is bladgoud vast en los op vloei.

Gerard: ,,Je mag het niet met je vingers aanraken. Want het zuur van je vingers maakt vlekken."
Hij belegt een boogje van rozet van tien vierkante centimeter met het glanzende spul. De ondergrond is al voorbewerkt met een verf waarin mixtion is verwerkt. Nadat het goud is aangebracht, politoert hij met een klein kwastje het goud glad. Stofdeeltjes goud dansen door een streep zonlicht in de werkplaats. Gerard: ,,Iets grotere stukjes goud worden opgevangen in een potje. Kan weer gebruikt worden in heel kleine hoekjes en gaatjes. Het goud is duur, maar ook duurzaam. Bladgoud kan binnen wel 150 jaar meegaan. Buiten, zoals op de haantjes gaat het 25 jaar mee."
Museum
De werkplaats van Ridderhof lijkt als je goed kijkt, wel een museum. De oude stalen, de zorgvuldig opgeborgen recepten en beschrijvingen, maar ook een oude verfmaker en een karbietbrander zijn uit de tijd dat je het vak nog leerde van je vader of meesterschilder. Verder klopkwasten, van honderd jaar oud en nog bruikbaar in een oude werkkist. Gekoesterde materialen van (kunst)schilders uit een glorierijk verleden.
Gerard: ,, Ik was 15 jaar toen ik in het vak begon. Drie avonden in de week naar de avondschool en een ondernemersopleiding in Utrecht. Verder heb ik het vak in de praktijk geleerd van mijn vader Dirk Ridderhof en van Bren de Jongh in Waardenburg. Jammer dat er steeds minder mensen zijn die het restauratievak beheersen. De opleidingen zijn veel te theoretisch en sluiten slecht aan bij het bedrijfsleven. Vroeger kon elke dorpsschilder houten, marmeren en vergulden. Nu is iedereen in slecht één onderdeel gespecialiseerd. Maar in dit vak zul je ook meters moeten maken, wil je het rendabel houden. Drie dagen werken in de praktijk en twee dagen naar school, zou veel beter zijn. “
De schilders bij Ridderhof kunnen in ieder geval bogen op een vakmanschap dat in heel Nederland bekendheid geniet. In de grote kerk van Apeldoorn, waar Maurits en Marilène trouwden, hebben ze maar liefst 3500 m2 houtwerk geleverd. Trappenhuizen, deuren en banken, die moesten gelijken als de echte eiken koninginnebank.
Walburgkerk in Zuthpen
In de Walburgkerk te Zutphen is het grote Barderorgel uit 1639 een imposant voorbeeld van hun vakmanschap. Het Deilse schildersbedrijf werkte hieraan van 1994 tot 1996.
Gerard: ,, Hier heeft mijn vader ook nog aan meegewerkt. Hij heeft de oplevering nog meegemaakt. In dat orgel zitten 5000 orgelpijpen, variërend van een pijpje ter grootte van een potlood tot een pijp van zes meter lang. Veel mahonie en verguldwerk aan wapens en lofwerk. Er zitten maar liefst 8000 gouden blaadjes op dat orgel. We hebben er 3000 uur aan gewerkt. Veel deden we thuis in de werkplaats, maar we stonden ook op de zestien meter hoge steigers."
Gerard is trots op zijn vak en zijn medewerkers. Ze hebben dat ook wel wat op hun naam staan. Al twintig jaar onderhouden ze de Heerlijkheid Leur, nabij Wijchen; negen boerderijen en twee landhuizen. Ook kasteel De Schaffelaar in Barneveld is voorzien van imitatiewerk van eiken. Voor veel kerken in onze omgeving werd Ridderhof ingehuurd bij restauraties, zoals bij kerk en orgel in Rhenoy, kerk en orgel in Enspijk, kerkorgels in Asperen en Wadenoijen. Maar in heel Nederland, van Kampen tot Leiden en van Heerde tot Heythuisen hebben ze hun visitekaartje afgegeven.
Het bijzondere grafmonument in Tuil is ook door hen gerestaureerd met zogenaamd 'klopwerk'. Het Van Dam-orgel in Tuil is momenteel onderhanden. ,,Jan van Harskamp uit Zettten, heeft er speciaal houtsnijwerk voor verricht. Kijk, hier staan ze, de twee zijwangen Van Dam-orgel. Wij zijn ze momenteel aan het vergulden. Door in de laagste delen van de rozetten donkere verf aan te brengen, krijg je een enorme dieptewerking", klinkt het gedreven. 's Winters worden met name monumentale panden en kerkorgels voorzien van nieuwe hout- en marmerimitaties en verguldwerk met bladgoud. Veel panden die onder monumentenzorg vallen, worden al jaren onderhouden. Bekende zijn het Elisabeth weeshuis in Culemborg, maar ook landgoed De Noordenhoek in Deil, Gasterij De Os en het Paard, of het Polderhuis in Acquoy en het Rechthuis in Gellicum.
Gerard laat een houten lat zien, nog afkomstig uit de kerk van Enspijk. Gedateerd: 1911. ,,Kijk, de namen van mijn overgrootvader, opa en een broer van opa Ridderhof staan er nog op. Ik heb nog een rekening die naar dominee De Kat ging in Enspijk. Het betrof een haantje op het kippenhok dat was verguld, voor één dubbeltje."
De steigers rond de kerktorens in de gemeente Geldermalsen zullen eind september weer worden ontmanteld. De resultaten zijn dan voor ons allemaal te zien. De restauratie van het orgel in Asperen gaat in augustus, direct na de bouwvakvakantie van start. In september zal het Van Dam-orgel te Tuil in alle glorie in gebruik worden genomen.
Ons culturele en kerkelijk erfgoed doorstaat de tand des tijds, als de liefde voor een vak in de toekomst één op één wordt doorgegeven.
Onze winkel
is op
maandag, dinsdag en donderdag
van 8.30 - 13.30 uur geopend.